Retro-vintage

Sinds Jacques d’Ancona in de jaren 80 de bril definitief tot modeaccessoire heeft verheven, ben je tegenwoordig bijna verplicht om ieder jaar weer de laatste hippe bril aan te schaffen. Volgens de reclamemakers dan.

Toch blijft het lastig om ieder jaar weer iets nieuws te verzinnen. Een nieuw montuurtje is zo getekend, dat is het probleem niet, maar hoe gaan we het noemen? Voor de nieuwste trend moet een pakkend woord worden verzonnen om de modegevoelige klant over te halen een nieuwe bril te kopen die hij waarschijnlijk niet nodig heeft. Dat blijkt toch knap lastig. Nederlandse woorden zijn uit den boze, want alleen Engelse woorden kunnen de potentixc3xable klant verleiden; dat is het credo van iedere marketeer.

Eind 2008 klonk er gezucht en gesteun uit het hoofdkantoor van de nationale brillenbranche. Ze hadden in de voorgaande jaren hun nieuwe brillen al hip, punk, trendy, freestyle, street, bling bling en underground genoemd en toen waren de woorden op. Wat doe je dan? Je huurt een ridicuul duur marketingbureau in om een nieuwe kreet te verzinnen. En waar kwam dat bureau mee op de proppen voor de nieuwe brillenlook voor 2009? Retro-vintage.

Retro-vintage? Het is dus niet alleen retro, maar ook nog eens vintage. Retro betekent dat je zo weinig fantasie hebt dat je maar weer teruggrijpt op ontwerpen uit het verleden en vintage betekent dat je een bril draagt die minstens zo’n 40 jaar oud is. Een retro-vintage bril is dus een oude bril volgens een oud ontwerp. Een meesmuilend ja, duh! brandt op mijn vingertoppen, maar ik kan me nog net beheersen. Ooit een oude bril volgens nieuw ontwerp gezien?

Het lijkt me sterk dat de opticiens in Nederland alle oude brillen van rommelmarkten en andere kringloopcircuits hebben opgekocht om ze als retro te verkopen. Toch is dat wat ze beweren. Ik koop dit jaar maar eens geen bril. Mijn oude bril is waarschijnlijk nog nieuwer dan de rommel van de opticien.

Ik doe een ouderwetse greep naar de irrischaal en geef retro-vintage een overrijpe 8.

Advertenties

Op

Wat zou het lievelingsgerecht van de meeste Nederlanders zijn? Een doorsnee supermarkt zou zichzelf tegenwoordig belachelijk maken als er naast de sperziebonen geen paksoi zou liggen, je naast de gewone uien niet op zijn minst lenteuitjes xc3xa9n sjalotjes zou aantreffen en je er behalve mandarijen geen sappige kumquat, lychee of carambola zou kunnen kopen.

De boer kent steeds meer, dus die vreet ook steeds meer. Maar wat vreet hij dan het liefst? Toch het altijd smakelijke gehaktballetje met sperzieboontjes (en piepers), voor op zondag de biefstuk met bloemkool (en piepers) of voor als je in een stoutmoedige bui bent het kipfiletje met broccoli (en piepers)? Of heeft hij zijn afkomst verloochend en is hij toch gezwicht voor Italofastfood of de niet zo Chinese en ook niet zo Indische Chinees-Indische rijsttafel?

Niets van dat alles. Geen boontjes, geen piepers, geen pizza en zelfs geen gehaktbal. Het lievelingsgerecht van de Nederlander is bord. Bord? Ja, bord. Waarom anders zou ik bijna dagelijks horen dat iemand zijn bord op heeft gegeten? Waarom nog die ranzige, tot snot gekookte dorperwtjes en met jus doordrenkte aardappelprak eten als je meteen een heerlijke hap krokant porselein kunt nemen? Maar dan wel helemaal opeten, we zijn tenslotte goed opgevoed.

Nu alleen nog iets doen aan de taalopvoeding, want een bord eet je leeg en niet op. Ik heb geen hoge pet leeg van eet je bord op, dus die waardeer ik met een 4 leeg de irrischaal.

Ik zeg

Is het jou ook opgevallen dat Natasja Froger zoveel mogelijk mensen wil laten weten wat haar lievelingswoord is? Op tv, op billboards en andere plekken waar je het het minst verwacht hoor en zie je haar keer op keer roepen: ik zeg doen!

Lieve schat, als jij graag doen wilt zeggen moet je dat vooral doen, maar val mij daar niet mee lastig. Ik zeg graag aluminiumfolie, maar ik vermoei jou toch ook niet steeds met ik zeg aluminiumfolie?

Oh, is ik zeg doen een advies om energie te kopen bij de Nederlandse Energie Maatschappij (niet te verwarren met de Nederlandse Energiemaatschappij)? Dat is toch dezelfde maatschappij die mij wekelijks, ondanks mijn aanmelding bij infofilter, omstreeks kwart over zes belt met een ongemeend fijn dat ik tref? Die maatschappij die in dat zelfde telefoongesprek beweert dat hun telefoontje geen ongewenste reclame is omdat ik klant ben bij Nuon en zij van Nuon gegevens van al hun klanten hebben gekregen aangezien de Nederlandse Energie Maatschappij ook energie in mijn wijk gaat leveren?

Het telefoongesprek dat de Nederlands Energie Maatschappij met Nuon heeft gevoerd, moet ongeveer zo zijn gegaan:
‘Met Nuon’
– ‘Ja, met de Nederlandse Energie Maatschappij. Wij willen graag zoveel mogelijk klanten van u stelen door ze ongevraagd lastig te vallen met misleidende telefonische ronseling en door de vrouw van een bekende Nederlander in onze reclames haar lievelingswoord te laten zeggen. Mogen wij daarom de telefoonnummers van al uw klanten hebben?’
‘Ach, we zijn de beroerdste niet. We hebben trouwens al veel te veel klanten, dus dat is prima.’
– ‘Fijn, dank u voor uw medewerking.’

Trap er niet in. Ze pakken het wel slim aan. De naam Nederlandse Energie Maatschappij klinkt al even neutraal en ongekleurd als bijvoorbeeld het Nederlands Dagblad, maar is dit ook niet. Ook de keuze voor Natasja Froger is slim, want in het tv-programma Hart in Aktie helpt ze nooddruftige mensen, waardoor het in de tv-reclame van de Nederlandse Energie Maatschappij ook lijkt dat ze mensen helpt. Van hun geld af ja.

Ook al zou ik geld besparen op mijn energiekosten, vanwege hun infame wervingsmethoden en het taalgekluns van Natasja is de kans dat ik ooit energie bij de Nederlandse Energie Maatschappij koop nihil. Tegen iedereen die wel in deze misleiding trapt zeg ik: ‘Ik zeg oen!’

Ik zeg: ik zeg krijgt een 7 (zegge: zeven) op de irrischaal.

Nou ja kijk

‘Wat was dat nou voor nieuws over Italixc3xab?’
– ‘Nou, ergens in midden Italixc3xab is er een aardbeving geweest’
‘Oh, zwaar?’
– ‘Nou ja, 5 komma 8’
‘Dat is toch niet zo heel zwaar?’
– ‘Nou ja kijk, het hangt er ook vanaf hoe diep die beving in de aardkorst zit.’
‘Hoezo?’
– ‘Nou ja kijk, hoe dichter bij de oppervlakte, hoe meer schade je krijgt.’
‘Dus die RIchterschaal zegt niet zoveel?’
– ‘Nou ja, ehhh, kijk, ehhh, nou ja, je moet weten dat die Richterschaal niet zoveel over de schade zegt, maar over, nou ja, kijk de trillingen zeg maar.’
‘Nou ja kijk, dat is duidelijk.’

In deze vluchtige dialoog, een zoals vele die je dagelijks hoort, word je er door je gesprekspartner vaak om onduidelijke redenen op gewezen dat het nu is, dat het zeker is en dat je er naar moet kijken: Nou ja kijk. Wat er nu is, wat zeker is en waar je naar moet kijken doet niet ter zake.

Nou ja kijk wordt werkelijk overal voor gepropt. Het is de nieuwste taalepidemie van 2009. Wat bedoelen ze nu eigenlijk met nou ja kijk? Als het over een aardbeving gaat die vanmorgen heeft plaatsgevonden, dan is ja het enige woord dat plausibel is, want het is zeker dat het is gebeurd. Maar het gebeurt niet nu en er naar kijken – behalve op tv – is vanuit Nederland ook wat lastig.

Ik vraag me voor de zoveelste keer af hoe het komt dat mensen – ikzelf incluis – zo gretig inhoudsloze kreten van anderen overnemen en die vervolgens zo vaak mogelijk gebruiken? Hoe leger de kreet, hoe besmettelijker hij lijkt.

Omdat nou ja kijk niets betekent, kunnen we net zo goed een van volgende holle zinnen gaan roepen:
nu jawel beschouw
momenteel zeker visie
tegenwoordig vanzelfsprekend vooruitzicht
thans allicht aanschouw

Nou ja kijk, het is zo dat nou ja kijk tegenwoordig welzeker en welbeschouwd irritant is, dus thans heb ik natuurlijk de visie dat die een score op de irrischaal verdient. Welke? Thans allicht aanschouw, een 8.